Er voor elkaar kunnen en mogen zijn. Mogen steunen, leunen en loslaten. Aandacht door aanraking. Man: "Leun op mij". Vrouw:"Leg je hoofd op mijn schouder". Vertrouwen en een luisterend oor. Dankbaarheid. Rusten in Zijn.
Er voor elkaar kunnen en mogen zijn. Mogen steunen, leunen en loslaten. Aandacht door aanraking. Man: "Leun op mij". Vrouw:"Leg je hoofd op mijn schouder". Vertrouwen en een luisterend oor. Dankbaarheid. Rusten in Zijn.